Landschap tussen water en land
Een moeras is een uniek landschap dat zich bevindt tussen water en land. Je kunt er niet zwemmen, maar ook niet met droge voeten blijven staan. Daarom loopt er bij de Hortus een knuppelpad doorheen.
Ooit bestond een groot deel van Nederland, als natuurlijke rivierdelta, uit moeras. Met ons talent voor waterbeheer hebben we het grootste deel omgevormd tot landbouwgrond. Toch zijn er nog altijd plekken waar resten van natuurlijk moeras te zien zijn. Ook dichtbij, zoals de kleimoerassen die de rivier begeleiden in de Ooij-polder. Wil je een echt groot moeraslandschap ervaren? Dan is een bezoek aan het Nationaal Park Weerribben-Wieden een aanrader.





Kenmerken van zeggemoeras
Alle moerassen worden gekenmerkt door permanent hoge, of op zijn minst periodiek hoge waterstanden. Moerassen zijn voortdurend in ontwikkeling: organisch materiaal stapelt zich langzaam op, waardoor het terrein geleidelijk droger en voedselarmer wordt. Dit proces heet verlanding en leidt uiteindelijk tot de vorming van een veenbodem. Er bestaan verschillende typen plantengemeenschappen in moerassen. Dit is afhankelijk van de omstandigheden, zoals zoet of brak water, voedselrijkdom en stroming. Veel moerasvegetaties in Nederland hebben het moeilijk door verdroging, als gevolg van klimaatverandering en kunstmatige verlaging van de waterstanden in omliggende landbouwgebieden. Door het beheer beter af te stemmen op water- en CO2- opslag, kan dit aanzienlijk verbeteren.
Zeggemoeras in de Hortus
Het moeras in de botanische tuin is vooral een zeggemoeras, een relatief voedselrijk type moeras. Hier groeien zeggen (Cyperaceae) en riet (Pragmites australis). Riet is goed aangepast aan natte omstandigheden dankzij speciale luchtkanalen in de stengels, waarmee het zuurstof naar de wortels transporteert.
Langs de drogere randen van het moeras vind je planten zoals koninginnenkruid en adderwortel. In het centrale, natte deel groeien onder andere moerasvaren, gevlekte orchis, echte koekoeksbloem, valeriaan, moeraswolfsmelk en gewone wederik.










Bijzondere soorten in dit moeras
Wateraardbei, te vinden in de rietkraag bij het steigertje.
Veenmos, dat groeit op een bult naast de driesprong in het knuppelpad.
Lenteklokjes en zomerklokjes, die bloeien in het natte gedeelte.
In het voorjaar kun je in het poeltje bij het wilgenprieel kleine watersalamanders spotten.
Beheer
We beheren het moeras in de Hortus, dat wil zeggen dat we de waterstand controleren en het moeras openhouden. Eenmaal per jaar wordt een deel van het riet met de zeis gemaaid en vervolgens afgevoerd. In het voorjaar wordt een teveel aan opkomend riet met de hand weggehaald. Dit doen we om de kruidenvegetatie te bevorderen en om een te grote dominantie van het riet tegen te gaan. Op een aantal plekken zijn paddenpoelen gegraven; deze worden geregeld uitgediept om verlanding tegen te gaan. De schietwilgen worden iedere 3-4 jaar geknot.
Voor de liefhebbers
Syntaxa:
klasse 8 Phragmitetea, riet klasse
Natura 2000:
LG_05 Grote zeggenmoeras