Daslook – Allium ursinum

Daslook – Allium ursinum

Een mooi wit fris, zacht naar uien ruikend tapijtje onder de bomen. Ik hou van die geur!
De bloemen bestaan uit een bosje van 15-20 kleine witte sterretjes en staan fier omhoog. In het boek De Groene Schatkamer staan wetenswaardigheden over de daslook beschreven. Zoals dat de plant na de bloei afsterft en pas weer volgend voorjaar boven de grond komt. Dus nu even genieten!

Lidsteng – Hippuris vulgaris

Lidsteng – Hippuris vulgaris

Een waterplant die nu weer boven het water uit komt steken, lijkt op een paardenstaart. Maar is dat niet want hij is van de weegsbreefamilie. De blaadjes (6-14stuks) zitten in dichte kransen rond de stengel en zijn ongeveer 2cm lang. Er komen in de zomer piepkleine bloemetjes in elke bladoksel. Ze hebben geen kroonblaadjes en ogen vooral groen. Maar dat duurt nog eventjes.

Lente- & Zomerklokjes – Leucojum vernum en L. aestivum

Lente- & Zomerklokjes – Leucojum vernum en L. aestivum

Langs het moeras staat het zomerklokje (Leucojum aestivum) volop in bloei (foto’s hierboven). Het lenteklokje (Leucojum vernum) is al uitgebloeid, want die is slechts iets later dan het sneeuwklokje.
Verwarrend die namen en ze lijken ook erg op elkaar. Als je het verschil weet (en onthoudt, want ik moet het elk jaar opzoeken) is het makkelijk: zomerklokje heeft 3-5 bloemen aan een steel, terwijl lenteklokje er meestal 1 heeft. Bovendien wordt hij wel 2 x zo groot.

Net als sneeuwklokjes hebben beide klokjes een groene vlek op het bloemblad. Maar dan op alle 6 de even lange bloemblaadjes. Sneeuwklokje heeft dat alleen op de 3 binnenste/korte. [klik op foto voor vergroting]

zomerklokje zomerklokje lenteklokje sneeuwklokje
Varens ontrollen zich

Varens ontrollen zich

Vol verwondering kijk ik elk jaar weer naar varens die zichzelf zo prachtig ontrollen. Gracieus en levenskrachtig strekken ze zich uit. Hier een paar voorbeelden:

koningsvaren
bekervaren tongvaren
naam volgt later 🙂

Een gele krabspin

Deze gele krabspin zweefde aan een lange draad over het pad. Als deze zich bedreigt voelt steekt die de eerste 2 paar poten opzij uit om te gaan lopen. Zijwaarts, net als een krab. Maar net zo vaak ook recht vooruit.
Krabspinnen gaan vaak in bloemen zitten om een prooi te besluipen. Soms verstopt in spinrag. Ze maken geen web. Deze zit vast vaak in een gele bloem, maar er zijn nog heel veel meer soorten en kleuren krabspinnen. Gemiddeld is het lijfje 4-14 mm.