Een schets door het oog van een kenner

 

auteur: Wil Willen, oud directeur van Hortus Nijmegen

De holpijpen in de vijver wiegen zachtjes in de wind. Vanaf de rotsheuvel klatert en kronkelt het water in de beek naar beneden. Maar vanaf hier is ook goed te zien hoe verwaarloosd de tuin al jaren is. Er ligt afval rond een afgebroken vuilnisbak, veel planten zijn platgetrapt. Of platgereden, want er wordt regelmatig met mountainbikes over de heuvel gefietst.

Waar is het plaatje?

Zonde van die prachtige tuin, zeggen buurtbewoners en allerlei ongeruste groene organisaties.  In de jaren na de opening in 1971 was de Botanische Tuin immers ‘een plaatje’. Maar tassen vol botanische tulpjes en wilde cyclaampjes verdwenen nadat de Universiteit in de jaren negentig geen geld meer had voor het onderhoud. Voor onderwijs en onderzoek was de tuin niet meer zo nodig. De hele plant was niet langer noodzakelijk, een molecuul van een plant al genoeg. De Universiteit zegde het huurcontract met de Gemeente op. De tuin viel ten prooi aan verwaarlozing.

Nieuwe visie op Park Brakkenstein

De Gemeente was – en is – eigenaar van de grond, de tuin is immers onderdeel van Park Brakkenstein. Wat nu? ‘Met de grond gelijk maken’? Dat stuit op heftig verzet van allerlei betrokken groeperingen. Wijkraad Brakkenstein, het IVN, Milieudefensie , kunstenaars en buurt strijden voor het behoud van de tuin. De Gemeente laat de natuurwaarde onderzoeken en ontwikkelt een nieuwe visie. Begin 1999 dient oud-wethouder Wil Wellen een plan in, ontwikkeld samen met betrokken organisaties. Kern van het plan is de oprichting van Stichting Hortus Arcadië en een jaarvergoeding voor het beheer. Én de inzet van 25 zogeheten Melkertbanen! In maart wordt het plan aangenomen in de Raad.

Kleurrijke borders in de Theetuin

De Universiteit stelt – gratis – een deel van haar gronddepot naast de tuin beschikbaar voor  opstallen ten behoeve van het beheer. In de tien jaar  die volgen worden hier, in de zogeheten theetuin,  kleurrijke borders aangelegd. De Botanische Tuin ernaast wordt – zoveel als mogelijk en wenselijk – in oude luister hersteld. Paden worden vrijgemaakt en de overwoekerde rotsheuvel geschoond. Zichtlijnen worden hersteld en ook de bossen krijgen weer lucht. In de theetuin wordt een groen podium ingericht voor de al snel populaire ‘Arcadische Muziekzondagen’. Concerten, natuureducatie, kunstexposities en arrangementen krijgen gestalte en leveren tevens een broodnodige bijdrage aan de exploitatie.

Aan een zijden draadje

Driemaal hangt het leven van de Stichting aan een zijden draadje. Telkens bezuinigt de Gemeente méér op de ID-banen. In 2012 verdwijnen zelfs alle banen. De Hortus wordt met een fikse subsidie – voor enige werkgelegenheid – overgenomen door een commerciële exploitant. Na twee jaar zakt alles als een kaartenhuis in elkaar, de Hortus is failliet. Een grote groep trouwe vrijwilligers neemt het initiatief. De failliete boedel wordt overgenomen, een nieuwe stichting opgericht.

‘Community’ van vrijwilligers

Hortus Nijmegen wordt een vrijwilligersorganisaties. Ambities worden fors teruggeschroefd, nieuwbouw moet in de ijskast worden gezet. Maar met nieuw elan krijgt het beheer van de tuinen een nieuwe impuls. De landschapjes in de Botanische Tuin worden tegen het licht gehouden: wat staat er en wat zou er moeten staan? In de theetuin worden borders grondig opgeknapt en komen vele nieuwe en speciale planten. Er wordt een nieuwe ‘community’ opgebouwd van vrijwilligers, mede in samenwerking met Begeleid Wonen (RIBW), geestelijke gezondheidszorg (PRO PERSONA) en Reclassering (taakgestraften).

Met succes roeien met de riemen die er zijn

Het blijkt lastig om ‘alle ballen in de lucht te houden’: voor begeleiding, horeca, verhuur, educatie en evenementen is meer inzet nodig dan er beschikbaar is. Dit legt veel druk op de organisatie. Maar er wordt ook met succes geroeid met de riemen die er zijn. Er werken vele enthousiaste mensen en de tuinen zien er verzorgd, interessant en prachtig uit.