Pijpbloem – Aristolochia clematitis

Pijpbloem – Aristolochia clematitis

Wat een wonderlijke plant als je die voor het eerst ziet. Ik vond hem op geen ander lijken. Mooi hartvormig blad en een lekker dynamische aanblik doordat de stengel zigzagt. De bloemen zijn trompetjes die van binnen bekleed zijn met haren zodat insecten er pas weer uit kunnen als de bloem bevrucht is omdat dan pas de haren weer verslappen. De bloemen staan eerst omhoog gericht zijn en gaan later hangen. Samen met mansoor is het ongeveer de enige in onze streken voorkomende soorten van de pijpbloemfamilie. Hij staat op het alpinum aan de boskant.

Meiklokje of Lelietje-van-dalen – Convallaria majalis

Meiklokje of Lelietje-van-dalen – Convallaria majalis

Meiklokje is een vaste plant (30cm) die in het wild voorkomt, het liefst op half-beschaduwde plaatsen. Onder de grond zit een kruipende wortelstok en daarom zie je vaak hele veldjes dicht opeen in bosrijke stukken, struwelen en brede houtwallen. Tussen 2 bij elkaar zittende bladeren komt een trosje van hangende klokjes die een heerlijke geur hebben.
In de 16e eeuw was al bekend dat de plant de hartwerking kan beïnvloeden. Gedroogde bloemen werden vroeger toegevoegd aan snuiftabak. Het lelietje-van-dalen is wel giftig. En de nationale bloem van Finland.

 

Knikkend nagelkruid – Geum rivale

Knikkend nagelkruid – Geum rivale

Wat ik zo mooi vind is de combinatie van zalm-oranje met dieprood van de bloemen. En dat ie zo klierachtig behaard is. Knikkend nagelkruid bloeit nu met een bloem die hangt als een klokje aan een ‘geknikte’ steel. Hij valt eigenlijk niet zo op maar is de moeite waard om van dichtbij te bekijken.
Knikkend nagelkruid was 1 van de 10 planten in de ‘levende’ landelijke tentoonstelling Beschermde planten (2015) in de Botanische Tuin. Een Rode Lijst-soort dus, wat betekent dat die in het wild nauwelijks overleeft.

In juni zal de plant hele mooie pluisbollen vormen. In de foto’s zie je opeenvolgende stadia. Op de laatste hiervan zie je dat in de pluissteeltjes zit een merkwaardig s-vormig haakje, hier ook een knikje dus. De zaden blijven daarmee makkelijk ergens aan hangen en verspreiden zich zo. Toch komt de naam van nagelkruid, de wortelstok ruikt daar een beetje naar [bron: De Groene Schatkamer, A. Kuhlmann]

 

 

Daslook – Allium ursinum

Daslook – Allium ursinum

Een mooi wit fris, zacht naar uien ruikend tapijtje onder de bomen. Ik hou van die geur!
De bloemen zijn een bos kleine sterretjes en staan fier omhoog. Een beetje zoals mooi siervuurwerk.
In het boek De Groene Schatkamer staat Daslook beschreven.

Wildemanskruid – Pulsatilla vulgaris

Wildemanskruid – Pulsatilla vulgaris

Eén van mijn voorjaarsfavorieten is het Wildemanskruid. Zo heerlijk harig en wollig. Ik weet nog dat ik het vroeger voor het eerst zag in het Jac. P. Thijsepark, een heempark in Amstelveen. En nooit meer vergeten.

En heel fotogeniek vind ik. Er staan er een paar te bloeien. Vrijwel de hele plant is zijdeachtig behaard en bloeit paars van maart tot mei.
Zowel in de arcadische als de botanische tuin te vinden. Later meer over de mooie zaadpluisjes-bolletjes. In het wild helaas niet meer te vinden…